Kindercoach Gisela

Kindercoach Gisela Kindercoach Gisela begeleidt opvoeders en kinderen met een hulpvraag in - voor hen- moeilijke situat In de meeste gevallen is dat ook zo.

Iedere ouder en/of verzorger ziet zijn kind het liefst gelukkig! Soms hebben kinderen te maken met een (leer)probleem, situatie of een gebeurtenis en weet men niet hoe hier mee om te gaan. Soms is het ook helemaal niet duidelijk waarom het kind niet lekker in zijn vel zit. Kindercoaching is een laagdrempelige vorm van hulpverlening voor kinderen en hun ouders en/of verzorgers met een hulpvraag. Al

s kindercoach kijk ik mee met de ouders en het kind en ik kijk vanuit de actuele situatie welke stappen gezet zouden kunnen worden. Daarbij werk ik oplossing- en toekomstgericht. Kinderen coachen of begeleiden is iets anders dan het bieden van kant en klare oplossingen. Ik ga er van uit dat kinderen (onbewust) weten waar het antwoord op een ‘probleem’ te vinden is, namelijk in hen zelf! Als kindercoach maak ik gebruik van verschillende methodes zoals creatieve werkvormen, spelvormen en gesprekstechnieken. Doelen:

Kinderen leren eigen kracht kennen waardoor ze steviger in hun schoenen staan
Kinderen leren eigen kwaliteiten (her)ontdekken en (her)vinden zo hun zelfvertrouwen
Kinderen leren hun eigen denken en handelen zelf positief te beïnvloeden

27/08/2020

5 DINGEN DIE JE ECHT NOOIT TEGEN EEN KIND MOET ZEGGEN

Er zijn van die dingen die je ooit geleerd hebt en die eigenlijk helemaal niet zo handig zijn. Het zijn opmerkingen die je hebt overgenomen van je ouders en die zo ingesleten zijn dat je jezelf al niet meer hoort. Ook leer je soms dingen tijdens je leven omdat iemand zegt dat je een goede ouder bent als je iets wel of niet doet.

We willen toch allemaal goede ouders zijn? Een aantal dingen moet je echter nooit zeggen tegen je kinderen. Hier de 5 belangrijkste zinnen die je achterwege kunt laten.

1: "Je bent geweldig"

Iedere ouder weet inmiddels dat het goed is om je kind complimentjes te geven. Alleen is het wel belangrijk wat je zegt. Als je steeds laat weten hoe geweldig je kind is, creëer je faalangst of een narcist.
Immers als het kind steeds maar hoort dat het een superkind het is, leert het kind geen reëel beeld te hebben van zichzelf.

Je kind leert niet dat hij ook fouten kan maken en dat dit goed is. Dat hij met fouten en blunders even zo goed een prima persoontje is. En dat niemand beter of slechter is dan iemand anders.

Het kan ook zijn dat je kind de lat zo hoog gaat leggen om geweldig te kunnen zijn. Dan kan er uiteindelijk een bang muisje overblijven die zijn hele leven lang het gevoel houdt op een dag door de mand te vallen.

Wat dan wel?

Als je kind iets laat zien, kun je op dat moment benoemen hoe goed hij al datgene KAN. Als je de kans hebt, kun je er nog aan toevoegen hoe mooi het is dat hij zo geoefend heeft en het daardoor steeds beter kan. Je complimenteert dan op talenten en inspanning en niet op het kind zelf. Hierdoor blijft het zelfbeeld van je kind intact en is niet afhankelijk van complimenten over wie hij is als persoon.

2: "En nu ga ik weg hoor !!!!"

Terwijl ik lekker mooi buiten zat te werken, hoorde ik een eindje verderop een moeder en vader hun kind roepen. Kindlief heeft of de oren nog dicht, is nog lekker in zijn eigen wereldje zonder zijn ouders te horen of is al zo gewend aan geroeptoeter van veraf dat het er geen aandacht meer aan schenkt.

Achtereenvolgens werd er eerst nog 6 keer geroepen, werden er vervolgens mooie en lekkere dingen beloofd en dreigden uiteindelijk de ouders met weggaan. Toen ze dit na drie keer daadwerkelijk deden, raakte het kind helemaal overstuur.

Wat dan wel?

Dreigen als het je niet lukt om je kind naar je te laten luisteren en tenslotte harde maatregelen treffen is voor je kind erg onveilig en onbetrouwbaar.

Wees duidelijk tegen je kind. Maak eerst contact door óf het kind bij naam te noemen en oogcontact te hebben en/of raak het kind even aan. Zeg dan duidelijk wat je NU wilt en wat je van je kind verwacht.

Kijk ook of je kind nog even de gelegenheid nodig heeft om zijn spel of activiteit af te ronden en help het daarbij door een suggestie te geven

3: "Doe nou toch eens eens zoals je zusje/broertje/vriendje"

Als je je kind vergelijkt met andere kinderen zeg je eigenlijk dat je kind niet goed genoeg is en dat het niet aan je verwachtingen voldoet. Je kind voelt dit haarfijn aan.

Zo kan er nijd ontstaan tussen broertjes en zusjes omdat het zichzelf steeds voelt tekortschieten en misschien boos wordt op zichzelf en de ander.

Als kinderen horen dat ze (als oudste kind) verstandig moeten zijn, kunnen ze zich verantwoordelijk voelen voor anderen. Ze kunnen zich ook afzetten en zichzelf uiteindelijk negatief beoordelen omdat ze tekort schieten in de verwachting van hun ouders. Ze kunnen het immers nooit goed doen?

Deze kinderen kunnen het gevoel krijgen dat ze de jongere kinderen moeten opvoeden en daarmee raken ze een deel van hun kind zijn kwijt.

Wat dan wel?

Bijt je tong af als je de neiging krijgt je kind te vergelijken met een ander kind. Wees je bewust verwachtingen te hebben die niet bij het karakter of temperament van je kind passen. Wees nieuwsgierig naar wie je kind werkelijk is en ontdek de kwaliteiten die bij dit kind horen.

4: "Dat doe ik wel even"

Veel kinderen hoeven hun eigen rommel, vieze was, de afwas, hun sporttas of hun schooltas op te ruimen en hun brood niet zelf te smeren. Elke keer als je je kinderen een activiteit uit handen neemt, is er een kans verloren gegaan dat je kind zelf iets leert door het fout te doen.

En ja, het schiet niet op als je peuter zichzelf moet aankleden. En ja, je Krijgt een hartverzakking van alle onvoldoendes van je puber. Echter als jij iedere keer de zaakjes voor je kind opknapt, maak je het hulpelozer en verdwijnt zelfredzaamheid, verantwoordelijkheid en zelfvertrouwen achter de horizon.

Wat dan wel?

Het is ruimschoots bewezen. Zelfvertrouwen en een gezond zelfbeeld krijg je door ervaring op te doen zodat je na verloop van tijd weet wat je in je mars hebt. Laat je kind zelf aanmodderen en stel vragen hoe je kind deze activiteit wil aanpakken. Geef desnoods wat helpende suggesties, laat je kind zelf kiezen en blijf stimuleren tot doorzetten als het fout gaat.

5: "Ik zie dat boos/ verdrietig bent"

Dit is wat mij betreft een van de ergste. Je zou er toch spontaan een driftaanval van krijgen. Hoezo "Ik zie dat je boos bent" @ #$%** ...

Een kind wat boos is, heeft er helemaal geen boodschap aan wat jij ziet. Op die manier verwijder je je alleen maar van je geëmotioneerde kind en schep je afstand. Je laat het kind alleen met zijn akelige gevoel en lost verder niets op. Immers je hebt het over IK in plaats van over het kind.

En ja, jij hebt vast geleerd dat dit goed is zodat jou kan kind zijn emoties kan leren herkennen... Nou vergeet het maar. Het kind voelt zich in de meeste gevallen nog bozer omdat het zich niet begrepen voelt en met een beetje pech vat je kind dit ook nog op als een verwijt.

Wat dan wel?

Wees bij je kind en benoem waar je kind boos om is.

Zoals bijvoorbeeld:

Dat vind jij oneerlijk hè...
Dat is niet leuk want je wilde juist....
Ach wat vervelend dat dit nu gebeurt...

Op deze manier voelt je kind zich begrepen vanuit het werkelijke begrip en aanwezigheid die je hebt.
Zo kun je samen in verbinding een oplossing vinden.

Zoals:

Wat helpt nu voor je..
Kan ik iets voor je doen?....
Huil maar even, het is ook erg genoeg..
Haal maar even diep adem, dan gaat het vast beter...

En als het kind nog erg overstuur is, pak je het even beet en wiegt het lichtjes of je doet met je hand de liggende acht op zijn schouderbladen.

Vast en zeker zijn er nog wel meer dingen die je beter niet tegen je kinderen kunt zeggen. Maar oefenen met deze 5 klaart de lucht tussen jou en je kind al aardig op...

Geniet ervan!

Wil je meer lezen over kinderen, opvoeden of over de opleiding tot kindercoach en opvoedcoach? Lees dan verder op de website of lees meer dan 1000 blogs over allerlei onderwerpen die hebben te maken met kinderen en opvoeden in deze tijd:

Honderden blogartikelen van kindercoaching-expert Tea Adema, met waardevolle pedagogische tips waar zowel ouders als professionals mee uit de voeten kunnen.

29/06/2019
12/01/2019

Kinderen willen gehoord en gezien worden. Moeilijk gedrag komt voort uit het negeren van lastig gedrag van kinderen. Wat kinderen nodig hebben, juist bij las...

OPINIE COMPUTERGEBRUIK KINDERENDurf kinderen te begrenzen in hun computergebruikKinderen moeten ook naar buiten voor hun...
19/05/2018

OPINIE COMPUTERGEBRUIK KINDEREN
Durf kinderen te begrenzen in hun computergebruik

Kinderen moeten ook naar buiten voor hun lichamelijke en sociaal-emotionele ontwikkeling.

Steven Pont

Voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid snapt een nieuwe generatie meer van het leven dan de oude. Althans, voor een deel. De digitale wereld is op veel gebieden immers meer het domein van de jeugd dan van de ouders. Daarom worden volwassenen ook wel digital immigrants genoemd en de jeugd als digital natives aangemerkt. En dat heeft een paar belangrijke gevolgen voor de ontwikkeling van onze kinderen.

Het is een achterhoedegevecht – en zelfs onwenselijk – om te proberen de digitale wereld terug in de fles te krijgen. We moeten ons niet door angst laten leiden. De bioscoop was ook niet het einde van het theater (zoals werd gevreesd), maar werd gewoon in het leven opgenomen. En ook die digitale wereld moet in het leven van onze kinderen een plek krijgen, daarin begeleid door de volwassenen. Dat doen we immers ook met andere zaken, zoals snoep, waarbij we ook niet zomaar alles toestaan.

IJkpunt daarin is de opvoeding die we zelf hebben gehad, ook als we het diametraal anders aanpakken dan onze ouders. Maar omdat de volwassenen van nu in hun jeugd niet zijn grootgebracht in de digitale wereld, voelen ze zich op dat gebied onthand, met als gevolg dat ze er massaal voor kiezen dan maar niets te doen en kinderen in hun mediagebruik weinig te begrenzen. Ze gaan daarbij uit van enige zelfregulatie, maar het is alsof ze de snoeppot gewoon op tafel zetten in de veronderstelling dat kinderen zelf verstandige keuzes maken.

Dat laatste blijkt apekool. Zo’n 6 procent van onze kinderen is inmiddels gameverslaafd. Medici maken zich verder zorgen over het aantal ­‘gameruggetjes’: nog nooit werden zo veel jonge mensen aan een hernia geopereerd. Ook neemt het overgewicht onder jonge kinderen toe. Vorige maand lazen we uitgebreid in de media dat de motorische fitheid van onze kinderen sterk is afgenomen: het vangen van een bal moet tegenwoordig bij gym worden aangeleerd. En ook de ogen hebben het zwaar: de bijziendheid neemt toe. In Oost- Azië, waar gaming nog meer is ingeburgerd dan bij ons, is ruim 90 procent van de twintigers bijziend, wat de kans op latere blindheid sterk vergroot. Volgens oogheelkundige ­Caroline Klaver – oogarts en wetenschappelijk onderzoeker – komen er de volgende decennia om die reden in Nederland dan ook tienduizenden extra blinden bij. Het netvlies trekt bij de schermpjesstarende jeugd naar een ovale in plaats van naar een ronde vorm en blijft daarin op den duur als het ware steken.

Nogmaals, computergebruik zelf is het probleem niet, net zo min als het bestaan van snoep als een groot probleem hoeft te worden gezien. Maar we moeten het als ouders niet laten lopen, om de eenvoudige reden dat we zelf geen ervaring hebben hoe wij als kind daarin werden begrensd.

Vooral in de basisschoolperiode zouden kinderen minstens twee uur per dag buiten moeten spelen om zowel hun lichamelijke (rug, ogen en gewicht) als hun sociaal-emotionele ontwikkeling een beetje op orde te houden. Zelfregulatie werkt helaas niet, dus ferm ouderschap is gewenst.

Niet elke begrenzing is een beperking. Sterker: begrenzing is een van de hoofddoelen van het ouderschap. Wanneer ik op scholen met ouders over computergebruik praat, merk ik dat ze het begrenzen feitelijk hebben opgegeven, of sterker: het thuis of in restaurants wel prettig vinden als hun kind rustig blijft doordat het achter een schermpje zit. Ook hebben ze vaak geen zin in het conflict. Toch hebben we geen keus, want er wordt schade geleden.

Wat je niet steeds opnieuw hoeft te willen regelen, kun je het makkelijkste in een algemene regel gieten. Toen mijn kinderen nog op de basisschool zaten, was de regel dat er tot half zes geen schermpje werd aangeklikt. Waarom? Omdat een kind na een uur waarschijnlijk nog steeds aan het doen is wat eerste was dat hij deed toen hij thuiskwam. En als je meteen na thuiskomst niet mag gamen, dan ga je naar buiten. Ik stel op scholen en kinderdagverblijven dan ook wel eens voor om het met zijn allen een week te proberen; de halfzesregel. Tot mijn spijt heeft nog nooit een school, een klas, een kinderdagverblijf, een groep ouders, een straat of buurt het aangedurfd. We zijn immers digital immigrants en die moeten kennelijk hun zelfverkozen plek weten, namelijk ergens op de achtergrond. Blijkbaar liever nog een verslaafd, dik, blind of gehandicapt kind dan dat we enige durf tonen.

Gamen is het probleem niet. Sterker: kinderen die beperkt gamen, blijken daar ook voordelen uit te halen. Maar ferm ouderschap betekent dat je niet bang bent om impopulaire maatregelen te nemen en dat betekent begrenzen, vooral in de basisschoolleeftijd. En als je het als ouder niet in je eentje kan of durft, regel het dan in een groepje dat niet bang is om soms een wat fermer standpunt in te nemen.

Steven Pont is ontwikkelingspsycholoog en gezinstherapeut.

VIJF OPVOEDTIPS DIE WEL WERKEN   ....                                         Kinderen en met name peuters leren regels ...
12/05/2018

VIJF OPVOEDTIPS DIE WEL WERKEN ....

Kinderen en met name peuters leren regels het beste door ze een keer (ok, het liefst tien keer) te overtreden. Met onderstaande tips kan je je kind regels leren. Ze klinken misschien simpel, maar ze werken wel!

Je hoort vaak van ouders dat ze het vervelend vinden kinderen dingen te verbieden. Bij de een werkt dit averechts en de ander wil gewoon niet bekend staan als 'strenge' ouder. Deze vijf maatregelen helpen je om je kind regels te leren zonder die 'strenge' ouder te zijn.

TIP 1: HET BELONEN VAN POSITIEF GEDRAG
Je kind belonen voor zijn goede gedrag is een effectieve manier om het goede gedrag te bevorderen. Dus in plaats van steeds aan te geven wat een kind fout doet is het beter om te zeggen wat een kind goed doet. En belonen hoeft echt niet iedere keer in de vorm van iets lekkers. Gewoon zeggen dat je het erg goed vindt dat je kind zijn of haar speelgoed terug in de bak heeft gedaan doet vaak ook al genoeg. Wijs duidelijk aan wat je goed vond:

"Ik vind het zo goed dat je je speelgoed netjes opruimt."
TIP 2: OPVOEDEN IS HET GOEDE VOORBEELD GEVEN
Als je denkt dat je kinderen jou de helft van de tijd negeren dan klopt dat misschien, maar de andere helft van de tijd letten ze op alles wat je doet! Om je vervolgens te imiteren, soms tot grote hilariteit van vrienden en familieleden. 'Doe niet na wat ik doe' heeft in dit geval geen zin. Wil je dat je kinderen alsjeblieft zeggen dan moet je dat zelf ook doen. Geef dus het goede voorbeeld.

TIP 3: MAAK DUIDELIJKE REGELS EN HOU JE ERAAN
Vage regels vragen erom uitgerekt of gebroken te worden, dus wees altijd duidelijk. 'Je mag niet stout zijn' heeft dus totaal geen zin. Wees specifiek en vasthoudend in je regels, ook als je in een supermarkt of speelgoedwinkel bent. We kennen allemaal de verhalen van moeders die zich kapot schaamden voor hun schreeuwende en huilende kinderen en maar snel dat speelgoedautootje kochten... It happens, maar probeer sterk te blijven op dit soort momenten.

TIP 4: WEIGER OM DE STRIJD AAN TE GAAN
Kinderen vinden het soms heerlijk om met jou in discussie te gaan en maar door te zeuren. Een advies om hiermee om te gaan? Doe alsof je een robot bent en herhaal hetzelfde antwoord (net zoals je kind vast wel eens doet). Zeggen ze dat het niet eerlijk is? Zeg dat je het begrijpt, maar dat het nou eenmaal zo is. Worden ze kwaad? Soms is zwijgen effectiever dan spreken. Zo laat je heel goed zien dat je niet van plan bent op hun woede-uitbarsting in te gaan. De volgende keer zullen ze snappen dat deze aanpak niet effectief is!

TIP 5: HAAL DIEP ADEM EN REK TIJD
Soms is het niet altijd handig om midden in een woede-uitbarsting van je kind over regels te gaan praten. Ze zijn dan niet voor rede vatbaar en zullen dan toch niet naar je luisteren, hoe je het ook brengt. Je hoeft dan niet boos te worden of te schreeuwen. Laat het gewoon hun probleem worden en bedenk voor jezelf hoe je het de volgende keer op kan lossen.

28/04/2018
10/02/2018

Beelddenken

Beelddenken houdt in dat je denkt in beelden, plaatjes en filmpjes. Ieder mens wordt geboren als beelddenken en blijft dat tot zijn 5e of 6e levensjaar. Daarna gaat de grootste groep over op een auditieve( via het gehoor ) manier van informatieverwerking. Tussen vijf en zeven procent van de mensen blijft beelddenken. Deze kinderen- en volwassenen- zijn visueel ruimtelijk ingesteld en verkiezen beelden boven woorden De rechterhersenhelft is bij hen dominant.

Boekentips;

Ik denk in beelden , jij onderwijst in woorden.
Jeffrey Freed en Laurie Parsons

Ik denk in beelden & en de jonge beelddenker.
Tineke Verdoes - uitleg, tips en opdrachten voor kinderen , leerkrachten en ouders

Kwart van de peuters en kleuters zit dagelijks meer dan drie uur achter de schermen door bv tv en een tablet. Risico's a...
24/11/2017

Kwart van de peuters en kleuters zit dagelijks meer dan drie uur achter de schermen door bv tv en een tablet. Risico's als overgewicht liggen op de loer.

Een op de vier kleine kinderen zit elke dag meer dan drie uur achter de televisie, een tablet, een computer of een smartphone.Daarbij is een duidelijke link te zien naar de ouders. Hoe meer tijd die zelf in de weer zijn met die apparaten, hoe meer de kinderen dat ook doen.
Dat blijkt uit een onderzoek van de Zwolse lector Jeugd en Media Peter Nikken en Mediawijzer.net. Kinderen die zo jong al zo veel achter de schermen zitten ,lopen risico´s zegt hij`bijvoorbeeld op het ontwikkelen van overgewicht en het achterblijven van prestaties later op school. Wat je in de basis meekrijgt, werkt door in je latere leven.

Nikken is verbonden aan de hogeschool Windesheim en onderzoekt de invloed van moderne media op met name jonge kinderen.Die kennis wordt onder meer gebruikt in pedagogische opleidingen. Zijn onderzoek laat grote verschillen zien in de houding van jonge ouders ten opzichte van mediagebruik.
Sommige ouders zijn er strikt in en beperken het schermgebruik voor hun kleintjes tot hooguit een uur per dag , in andere gezinnen brengen peuters en kleuters tot wel zes uur per dag door met tv , tablet en telefoon. `Daar waar de ouders grootverbruikers zijn , zijn kinderen dat veelal ook `weet Nikken.

Als gezonde richtlijn geldt maximaal 1 uur schermtijd per dag voor peuters en kleuters. Te veel computer/ en tabletgebruik gaat ten koste van slapen , buiten spelen en sociaal contact met andere kinderen. Nikken adviseert ouders streng te zijn voor hun kind en hunzelf. Ben jezelf de hele dag aan je smartphone gekluisterd, dan geef je geen goed voorbeeld.

de Stentor/Fransisca Muller.

Mediawijzer.net is een netwerk van ruim 1100 organisaties op het gebied van mediawijsheid. Onze gezamenlijke missie: elk kind in Nederland mediawijs.

Van proberen kun je leren .....
31/10/2017

Van proberen kun je leren .....

Spraak en taal stimulerenGesprekjes voeren met je kindNeem de tijd om goed te kijken en luisteren naar je kind. Je merkt...
10/08/2017

Spraak en taal stimuleren

Gesprekjes voeren met je kind
Neem de tijd om goed te kijken en luisteren naar je kind. Je merkt dan waar je kind mee bezig is. Daar kun je dan met elkaar over praten. Ook is het goed om op vaste momenten gesprekjes met je kind te voeren, bijvoorbeeld als het thuiskomt van de peuterspeelzaal.

Correct taalgebruik
Gebruik correcte taal. Maak volledige zinnen en spreek de woorden goed uit. Zeg dus niet: ‘Heb je au gedaan?’Veel ervaringen en veel soorten ervaringen
Om een grote woordenschat te ontwikkelen, is het nodig dat je kind veel meemaakt en in verschillende situaties komt. Op een station zie je andere dingen dan thuis, en gebruik je dus ook andere woorden. Verder leren kinderen zo dat woorden verschillende betekenissen kunnen hebben. Een bank is bijvoorbeeld een ding om op te zitten, maar ook een gebouw waar je geld kunt halen.

Ervaringen verwoorden
Je kunt als ouder verschillende dingen doen om de spraak- en taalontwikkeling van je kind te stimuleren.
Hieronder staat een aantal van die mogelijkheden beschreven.

Wen je aan om te praten bij alles wat jullie doen. Zeg wat je kind ziet, hoort, voelt, ruikt en proeft. Vanaf 3 jaar praat je niet alleen over wat er hier en nu gebeurt, maar ook over wat er is gebeurd (in het verleden), zou kunnen gebeuren (in de toekomst), of over fantasie.

Benoemen en begrippen gebruiken
Noem de namen van dingen, mensen en dieren. Zeg bijvoorbeeld: ‘Kun je me het kopje aangeven dat op de tafel staat?’ Zeg liever niet: ‘Geef me dat.’

Gevoelens verwoorden
Als je gevoelens benoemt, leert je kind gevoelens van zichzelf en anderen kennen, en ook zelf gevoelens uitdrukken. Zo kun je bijvoorbeeld zeggen: ‘Je vindt het niet leuk dat je nu moet opruimen.’

Herhalen en toevoegen
Herhaal de zinnen van je kind, maak ze langer of voeg er informatie aan toe. Dat kun je het best op een vragende, uitnodigende manier doen. Je kind zegt bijvoorbeeld: ‘Ik toren gemaakt.’ Dan zeg jij: ‘Heb je een toren gebouwd?’ Op die manier wordt je kind uitgenodigd om verder te praten.

Geef antwoord en stel vragen
Antwoord geven stimuleert het denken en de taalontwikkeling van je kind. Vraag niet alleen: ‘Wat is dat?’ maar stel vooral vragen waardoor je kind gaat denken en praten. Vraag bijvoorbeeld: ‘Wat heb je op de speelzaal gebouwd?’ of: ‘Waarom vind je dat leuker?’ Goede vragen sluiten aan bij de interesse en bezigheden van je kind en bevorderen jullie gesprek.

Speel met je kind
Samen spelletjes spelen is een goede manier om veel met elkaar te praten. Vooral spelletjes waarbij je doet alsof zijn heel goed voor de taalontwikkeling. Verder zijn er veel spelletjes waarbij je kind woorden leert en leert nadenken en onthouden, zoals lotto en memory. Geef je kind ook veel gelegenheid om te spelen met andere kinderen.

Voorlezen en verhaaltjes vertellen
Dagelijks voorlezen is leuk en gezellig, en kinderen leren er veel van, vooral als ze actief meedoen. Vertel ook af en toe een verhaaltje, aan de hand van plaatjes, over iets wat je kind heeft meegemaakt, of een fantasieverhaal.

Boeken in huis
Zorg dat je verschillende soorten boeken in huis hebt, zoals prentenboeken, informatieboeken, boeken met liedjes en rijmpjes, en voorleesboeken. Ook zijn er kindertijdschriften en luisterboeken. Ga regelmatig naar de bibliotheek maar zorg ook voor eigen boeken. Kinderen hechten zich aan boeken. Zorg dat je kind de boeken makkelijk kan pakken.

Computer en televisie
Digitale voorleesboekjes, ook wel ‘levende boeken’ genoemd, zijn heel goed voor de taalontwikkeling. Als je samen kijkt, kun je uitleg geven en er samen over praten. Er zijn ook goede televisieprogramma’s, websites en apps voor peuters.

Liedjes, versjes en rijmpjes
Jonge kinderen zijn geboeid door liedjes en versjes. Als je kind iets ouder wordt, vindt het woordgrapjes heel leuk en begint het te rijmen. Veel rijmen met elkaar kost weinig tijd, is gezellig en is heel goed voor de taal en het denken van je kind. Verder is het een goed idee om leuke taalspelletjes te spelen, zoals ‘ik zie, ik zie wat jij niet ziet’.

Kennismaken met schrift
Vanaf 3 jaar beginnen kinderen interesse te krijgen voor schriftelijk taalgebruik. Op een speelse manier kun je kinderen al letters en cijfers leren, en uitleggen hoe je een boodschappenlijstje maakt of een kaartje stuurt aan oma.

Bron : opvoed informatie.nl

Adres

Kerklaan 21
Apeldoorn
7311AA

Openingstijden

Maandag 14:00 - 21:00
Dinsdag 14:00 - 21:00
Woensdag 14:00 - 21:00
Donderdag 14:00 - 21:00
Vrijdag 14:00 - 21:00
Zaterdag 14:00 - 21:00

Telefoon

+31643257229

Website

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Kindercoach Gisela nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact

Stuur een bericht naar Kindercoach Gisela:

Delen